Direction Finder Unit

Installeren van de DFU:

Omdat de afmetingen van de DFU te groot zijn om deze op het dashboard van een auto te plaatsen, bestaat deze uit twee delen. Het gedeelte met de hoofdprint, en het afleesinstrument. Op de DFU vind je de aan/uit schakelaar, een ledje dat brand bij het zenden en een gaatje voor het afregelen met een kleine platte schroevendraaier. Op het afleesinstrument vind je een schakelaar voor hoge of lage gevoeligheid en een gaatje voor de fijnafstelling van de gevoeligheid.

De DFU is voorzien van drie antenneaansluitingen.
-Aansluiting L: linker antenne
-Aansluiting R: rechter antenne
-Aansluiting UIT: zender/ontvanger

Het kabeltje met 2,5mm jack aansluiting gaat naar de S-meteraansluiting op de zender/ontvanger.
Op de 2,5mm jack aansluiting kan je eventueel nog een extra S-meter aansluiten.

Afregelen van de DFU:

Regel beide antenne's op een zo laag mogelijke SWR. Deze meting moet op beide antennes gebeuren op dezelfde frequentie.
Stel de antenne's exact op de zelfde SWR.
Ga met de auto op 20 tot 50 meter afstand en 90° gedraaid staan t.o.v. de andere auto.
Zet de schakelaar op het afleesinstrument omhoog (gevoelige stand)
Regel nu met een kleine platte schroevendraaier het stelschroefje van de DFU tot de meteruitslag volledig links of rechts (afhankelijk of het testsignaal van links of rechts komt)
tot op het einde van de schaalverdeling op het afleesinstrument.
Indien de richtingsaanduiding de verkeerde kant aanwijst, controleer dan de antenneaansluitingen of de antenne's.
RF gain op de zender/ontvanger open of toe geeft verschil (gevoeliger met RF gain dicht).
Indien de RF gain tijdens het vossenjagen dicht gedraaid wordt, dient u bij deze instelling de RF gain dus ook dicht te draaien.
De optimale afstanden voor het afregelen op korte afstand kunnen verschillen naargelang het type zender/ontvanger.
Rij nu een paar km verder, zet de RF gain helemaal open en zet de schakelaar op het afleesinstrument omlaag (lage gevoeligheid).
Plaats de auto opnieuw 90° t.o.v. de andere auto en regel met de regelschroef onder de schakelaar van het afleesinstrument de meteruitslag tot op het einde van de schaal.
Doe deze afstelling op verschillende plaatsen omdat lokale ontvangstverschillen de uitslag bunnen beinvloeden.
Rij nu in de richting van het signaal staan en de meter zou in de middenstand moeten staan.
Indien tijdens het rijden, recht naar het signaal toe, de gemiddelde aanduiding van de meter in het midden is klopt de afstelling. In het andere geval kan je één van de antenne's iets langer of korter maken om het ontvangst op die kant te verminderen.

Algemeen:

Voor een goede werking van de DFU is het noodzakelijk om twee identieke antenne's te plaatsen. Indien er gebruik gemaakt wordt van magneetvoeten dienen die eveneens identiek te zijn.
De antenne's dienen geplaatst te worden op gelijke afstand van de achter en zijkant van de auto.
Gebruik voor beide antenne's dezelfde lengte en soort coaxkabel.
Plaats geen toestellen op de verbinding tussen DFU en de antenne's.
Tussen de zender/ontvanger mag eventueel een pre-amplifier geplaatst worden. Geen Amplifier, deze kan de dfu beschadigen!
De DFU is een zer gevoelig toestel en werkt reeds vanop grote afstand.
Als je in de buurt van een sterk uitgezonden signaal dat op een ander kanaal wordt uitgezonden zou dat de meting van de DFU kunnnen beinvloeden.
De DFU kan een zendsignaal verwerken van max 4 Watt.
Bij het zenden wordt de linker antenne afgesloten en het vermogen via de rechter antenne uitgezonden.
Dit is het zelfde bij een uitgeschakelde DFU.